|
|
||||||||||||||
|
||||||||||||||
Dikke jongeren volgen laag onderwijstype08-01-2008Uit een onderzoek onder bijna duizend Belgische jongeren blijkt dat tien procent overgewicht heeft. De dikkerds zijn met name te vinden in het lage onderwijstype. De Hogeschool van Antwerpen vroeg zich recentelijk af of er een verband bestaat tussen het type voortgezet onderwijs en het gewicht van jongeren. Hiertoe werden 994 deelnemers opgeroepen om op de weegschaal te gaan staan en daarnaast een omschrijving van hun leefstijl te geven. Met behulp van de metingen stelde men van iedere jongere de Body Mass Index (BMI) vast. De BMI geeft de verhouding weer tussen lengte en gewicht en is een betrouwbare manier om de mate van overgewicht te bepalen. Een BMI onder 25 geeft een normaal gewicht aan, een BMI tussen 25 en 30 betekent overgewicht en de waarden daarboven wijzen op ernstig overgewicht, oftewel obesitas. Van alle Belgische jongeren heeft tien procent overgewicht en drie procent heeft zelfs met ernstig overgewicht te maken. De onderzoekers deelden de jongeren vervolgens in naar het onderwijstype dat zij volgden en hierin bleken grote verschillen te bestaan wat betreft het voorkomen van overgewicht. Leerlingen van het beroepssecundair onderwijs (BSO), dat in Nederland overeenkomt met het vmbo, zijn beduidend dikker dan de rest. Maar liefst twintig procent van deze jongeren heeft een hoge BMI. Het overgewicht is bij bijna acht op tien ernstig te noemen. Het is mogelijk dat leerlingen van het Vlaamse BSO in hun opvoeding onvoldoende meekrijgen over wat een gezonde manier van leven is en daardoor makkelijk ten prooi vallen aan overgewicht. Ook andere factoren zoals een lage sociaal-economische status zouden een rol kunnen spelen, aangezien dit vaak met een laag opleidingsniveau gepaard gaat. Bovendien vormen de BSO-jongeren een extra kwetsbare groep, omdat het geregeld om leerlingen gaat van wie het schooltraject getypeerd wordt door leerproblemen en mislukkingen. Het zou geen verrassing zijn dat dit ook geldt voor de Nederlandse leerlingen die het vmbo volgen. De grote vraag luidt nu: hoe kunnen we de leefstijl van deze jongeren een positieve draai geven? Dit vraagt om vele helpende handen: niet alleen de ouders, maar ook de school, de media en andere instanties moeten hun steentje bijdragen. Jongeren vragen om een speciale aanpak en met een beetje geloof in zichzelf kunnen ze veel bereiken. |
|
|||||||||||||

