|
|
||||||||||||||
|
||||||||||||||
Hormoon leptine beinvloedt trek in voedsel11-11-2007
Het hormoon leptine bepaalt mede of wij een schaal koekjes beantwoorden met ‘ja, lekker’ of ‘nee, bedankt’.
Leptine is een stof die voornamelijk in vetweefsel wordt gemaakt en vervolgens in de bloedcirculatie terechtkomt. Het werd oorspronkelijk een hongerhormoon genoemd, omdat een hoger gehalte ervan gepaard gaat met een sterker gevoel van verzadiging. Inmiddels is aangetoond dat leptine niet alleen invloed heeft op onze trek en ons lichaamsgewicht, maar ook nog vele andere functies heeft. Een recente studie uit Groot-Brittannië laat zien dat het hormoon de mate van ons verlangen naar bepaalde voedingsproducten beïnvloedt. Het onderzoek richtte zich op twee tieners bij wie een zeldzame genetische afwijking bestond die voor een blokkade van de productie van leptine zorgt. Men bekeek met behulp van twee onderzoekssessies wat de effecten van een behandeling met leptine waren. De veertienjarige jongen en het negentienjarige meisje ondergingen ten eerste beiden een hersenscan na een periode van vasten en vervolgens na een half uur geleden te hebben gegeten. Dit vond plaats zonder dat er een leptinebehandeling aan het scannen voorafging. Tijdens het maken van de scans bekeken de twee proefpersonen 150 afbeeldingen, waarvan er 100 betrekking hadden op lekkere etenswaren zoals ijs en cake en neutralere producten zoals aardappels en broccoli. De overige 50 afbeeldingen toonden voorwerpen die niet eetbaar zijn, bijvoorbeeld auto’s en bomen. De onderzoekers lieten ieder plaatje gedurende vier seconden in beeld verschijnen en bij elk exemplaar dat een voedingsmiddel liet zien, gaven de tieners aan hoe graag zij dit wilden eten. Vervolgens ondergingen de twee jongeren een behandeling ter bestrijding van hun tekort aan leptine. Een week later herhaalde men de hersenscans na een periode van vasten en een periode van eten. Opnieuw gaven ze bij de voedselafbeeldingen aan in welke mate zij hier trek in hadden. Na vergelijking van de twee sessies konden de onderzoekers met stelligheid zeggen dat de tieners na een leptinebehandeling minder naar eten verlangden dan vóór de behandeling. Ook gaven ze allebei aan dat ze na de behandeling minder hongerig waren na het vasten en zich meer verzadigd voelden na het eten. Ook de hersenscans bevestigden de effecten van leptine op de trek in voedsel. Bepaalde hersengebieden werden actief bij het zien van eten voordat de leptinebehandeling was uitgevoerd, terwijl deze gebieden minder actief waren na de behandeling. De gebieden zijn ook typisch bij mensen zonder leptinegebrek weinig actief. Het soort voedsel bleek bovendien ook van invloed op de hersenactiviteit; een aardbei deed een groter gebied oplichten dan broccoli. Bron: Science Express 4 augustus 2007: "Fat Hormone May Counter Depression." |
|
|||||||||||||

